Hendrikx Van der Spek

Moeilijke plak worst

Voetbal en taal – het blijft lastig. Dagelijks worden er katernen vol over voetbal geschreven, maar soms vraag je je af wat er staat. De maestro van de taalverwarring is natuurlijk Cruijff zelf, met onnavolgbare uitspraken als “Soms moet er iets gebeuren voordat er iets gebeurt.”

Cruijffs taalgebruik wordt vaak als diepzinnig gekenschetst, maar het is in wezen gewoon een gebrek aan uitdrukkingsvaardigheid, zoals Frits Abrahams onlangs in zijn column in NRC Handelsblad constateerde. Zo schreef hij deze week nog in zijn column: “Ze (de nieuwe generatie voetballers) vertrouwen elkaar volledig en dus worden trucs, zoals ze vorige week voor hun kiezen kregen, niet gepikt."

De Ajax ledenraad lijkt ook beïnvloed te zijn door Cruijffs taalgebruik. Ledenraadvoorzitter Rob Been sprak na afloop van het overleg over het conflict binnen de Raad van Commissarissen de volgende gedenkwaardige woorden: “Bij Ajax is gisteren een heel moeilijke plak van de worst afgesneden. Met een heel bot mes. Maar we hebben dat op een elegante wijze proberen te doen.”

Een citaat waar je lang over kan nadenken. Wat in dit geval de worst? Wat is een moeilijke plak? En hoe elegant is die actie geweest? In 2008 voegde een jurist de volgende stelling aan zijn proefschrift toe:“Het gebruik van voetbalmetaforen dient te worden bestraft met een gele kaart.” Misschien moeten we die overtreding uitbreiden tot alle metaforen van voetballiefhebbers.

Erik van der Spek, 30-11-2011, 09:56, Link

|

Weg van het web

Ik verlang nog wel eens terug naar de tijd dat internet een vrolijke chaos was. Die tijd ligt nu al een paar jaar achter ons. Het web is keurig  aangeharkt en gestroomlijnd: we hebben nu Twitter en Facebook. Er is geen derde weg meer. Doe je niet mee, dan doe je niet mee. Heb je geen stalkers - volgers in het jargon – dan leef je niet.

Elke dag worden er 5,4 miljoen Nederlandstalige berichten verstuurd via Twitter. Wie leest dat allemaal? Sterker nog wie schrijft dat allemaal? En hoeveel tijd kost je dat? Vaagt u zich wel eens af of u in al die tijd ook iets socialers had kunnen doen. Er is een weg terug!

Bij hoeveel dagelijkse tweets ben je verslaafd? Is daar al een standaard voor, een dbnl voor twitterdwang? En zijn er al klinieken voor twitterverslaafden, waar je bij binnenkomst je iPhone moet inleveren? Die wordt er dan vernietigd. Of moet je bij wijze van therapie zelf je mobieltje met een hamer aan diggelen slaan?

Ja, ik weet het iedereen heeft wel wat natuurlijk. Maar voor het zover komt dat je niet meer zo vrij bent als een vogel (tweet!) is er the suicidemachine. Daar kunt u zich voor eeuwig afmelden bij Twitter en Facebook. Het werkt allemaal heel eenvoudig u geeft uw wachtwoord weg en u krijgt er een wachtwoord voor terug dat u nooit meer kunt achterhalen. Langzaam ziet u uw vrienden uit uw virtuele leven verdwijnen. En dan is uw account voor altijd weg. U bent vrij!

Max Dohle, 28-11-2011, 12:06, Link

|

Klein Dictee

Het Klein Dictee van de Taaltelefoon 2011 staat online. Ze leest de zin eerst helemaal voor en dan in stukjes, zoals dat heet. Het Klein Dictee bestaat uit slechts acht zinnen en u kunt het online maken. Er is een audiofragment en een kader om het dictee te maken. Vervolgens stuur je het in naar de Taaltelefoon. En Bart Chabot doet gelukkig niet mee.

Eigenlijk is het een Vlaams dictee. Ze zegt namelijk 'elektriciteitspannes'. Ik moest een paar keer luisteren en heb het maar even op Google opgezocht. Het is Vlaams voor elektriciteitspech.

Ik had slechts 19 fouten en sta nu op de tweede plek. De andere deelnemer had geen enkele fout.

Meedoen? Klik hier





Max Dohle, 23-11-2011, 17:13, Link

|

Wat iedereen kan leren van de tweetlessen aan Job Cohen

Michiel van der Geest geeft Job Cohen 5 tweetadviezen in de Volkskrant van maandag 21 november. Hoewel het hier vooral gaat om de kunst van het ‘politieke tweeten’ kunnen gewone twitteraars hier ook wel wat van opsteken.

Op zondagmiddag 20 november twitterde Job Cohen:tweet van Job Cohen

Niet echt een originele tweet, vooral als je weet dat Cohen meer dan 37.000 volgers heeft en op ongeveer 1500 lijsten voorkomt. Een dergelijk publiek is een betere kwaliteit waardig moet Van der Geest gedacht hebben, toen hij zijn adviezen opstelde.

5 adviezen
Hoewel de tweetadviezen duidelijk hout snijden, hebben ze op zich niet zoveel om het lijf:

  1. Maak nieuws
  2. Gebruik de tweet-only-tactiek
  3. Tweet met een ritme
  4. Tweet op het juiste moment
  5. Gebruik de hyperbool.
Maak nieuws
Dit tweetgebod kun je veralgemeniseren tot: meld alstublieft iets origineels, oorspronkelijks, iets wat toevoegt. Verlos ons van nietszeggendheid.

Mediakeuze en timing
Voor o.a. politici is twitter inmiddels een belangrijk platform geworden om de pers te voeden en om bepaalde thema’s en standpunten te lanceren. Om deze rol van informatieplatform voor de pers en de politieke goegemeente goed te kunnen vervullen is het zaak om te tweeten met timing: tweet met enige regelmaat en tweet op een moment dat je nieuws of standpunt op kan vallen (dus meestal niet op zondagmiddag).

Door regelmatig te tweeten schep je een verwachtingspatroon en als je dan ook nog de tweet-only-tactiek toepast, verplicht je de persmuskieten om je tweets nauwgezet te volgen.

Gebruik hyperbolen
Het laatste advies van Van der Geest gaat over overdrijving. Een goede politiek tweet moet opvallen en materiaal aanleveren voor een goede krantenkop. Gebruik grote woorden en schuw enig bloemrijk taalgebruik niet.

Een waardevolle minicursus, zomaar in de krant.

Willem Hendrikx, 22-11-2011, 11:27, Link

|

De dubbele ankeiler van nu.nl

Al jaren ben ik een liefhebber van nu.nl. Niet vanwege hun doorgeplaatste ANP-berichten, die kun je overal lezen, maar vooral vanwege hun voor een nieuwssite toch wel minimalistische opmaak. Vooral hun huidige gebruik van de dubbele ankeiler vind ik slim.

Nu.nl was een van de eerste sites, misschien wel de eerste, die bijna uitsluitend gebruik maakte van koppen als ontsluiting van dieper in de site gelegen nieuwsberichten. Bij het maken van goede koppen voor webteksten geldt bij mij nog steeds de NU-regel: Een kop is pas goed als hij kan functioneren op de homepage van nu.nl.

Erfenis van de papieren krant 

Dat ze bij nu.nl niet aan kale koppen vastgebakken zitten blijkt wel uit het creatieve gebruik dat ze maken van wat ik voor het gemak maar de dubbele ankeiler noem. Een ankeiler is in een gewone krant een klein stukje tekst op de voorpagina dat verwijst naar een groter stuk verderop in de krant (lees verder op p...).

Ankeiler of microcontent

Op landingspagina´s in websites, zoals bijvoorbeeld de homepage, wordt de ankeiler veel gebruikt. Ikzelf noem het daar liever microcontent en meestal neemt deze microcontent de vorm aan van een kop met een lead. Nu.nl gaat echter verder:

Dubbele ankeiler bij nu.nl (3257)

Bij de landingspagina voor de columns maakt nu.nl gebruik van een geraffineerde vorm van microcontent bestaande uit:

  • een foto
  • een kop
  • een quote
  • de lead
De spanningsboog van een column moet al in de microcontent zichtbaar zijn

Op deze manier en met een goed gekozen foto, een goede titel en goede tekst, krijgt de lezer voor een column voldoende spanning mee om de column ook daadwerkelijk helemaal te gaan lezen.



Willem Hendrikx, 18-11-2011, 15:13, Link

|

Sexting

Het Instituut voor Nederlandse Lexicologie heeft Van Dale gepasseerd in de race naar het mooiste nieuwe woord. Het is wildbreien geworden. Het is het breien van kleurige lappen om onder andere lantaarnpalen, bankjes, bruggen of bomen om het straatbeeld op te fleuren. De NOS en de Volkskrant melden het winnende woord al, terwijl meneer Van Dale nog druk is met de verkiezing.

Infobesitas werd tweede en twitteratuur (literaire werken in de vorm van tweets) derde. Zijn we nog benieuwd waar Van Dale straks mee komt? Nee, maar dat was ik toch al niet. Iedereen heeft zijn eigen favoriet.  Ik vind het veel aardiger dat twee honden nu vechten om één been.


Max Dohle, 16-11-2011, 18:02, Link

|

Onleesbare polisvoorwaarden

Vergelijkingssite Independer.nl heeft een onderzoek laten doen naar de leesbaarheid van polisvoorwaarden van overlijdensrisicoverzekeringen. Daarbij zijn de polissen van 26 maatschappijen onderzocht. De resultaten vallen niet mee: slechts één maatschappij biedt polisvoorwaarden aan die voor de gemiddelde Nederlanden te lezen zijn.

Taalniveau
Bij dit onderzoek is gekeken naar inhoud, structuur en formulering. Op basis daarvan is het taalniveau bepaald. Bij  25 van de 26 maatschappijen bleek het taalniveau C1 te zijn. Ongeveer 40% van de Nederlandse burgers kan een tekst op dit niveau aan. Slechts één polis, die van maatschappij Goed Genoeg, lag op taalniveau B1. Dit niveau is begrijpelijk voor 95% van de Nederlanders. 

Kassa
In een uitzending van Kassa over dit onderwerp (op 12 november) bleek overigens dat de teksten ook ervaren taalgebruikers voor problemen kunnen stellen. Columniste (en juriste) Carrie las het volgende fragment voor:

“Deze overeenkomst beantwoordt aan het vereiste van onzekerheid (…) indien en voor zover bij de totstandkoming van de verzekering het risico zich nog niet heeft verwezenlijkt.”

Gelukkig leverde Carrie er ook een vertaling bij: “Als iemand nog niet dood is, mag hij deze verzekering afsluiten, maar daarna niet meer.”
 
Voor meer informatie, zie http://weblog.independer.nl/in-de-media/vara-kassa-hoe-begrijpelijk-zijn-polisvoorwaarden/

Erik van der Spek, 15-11-2011, 11:16, Link

|

Politiek heeft nog een wereld te winnen op internet

De afstand tussen de burger en de politiek is nog niet geslecht met behulp van Internet. Dit blijkt uit een omvangrijke enquête ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het .nl-domein.

Donderdag 10 november werden de resultaten bekend gemaakt van De Nationale Internetenquête. De enquête was een initiatief van SIDN (de organisatie achter het .nl-domein) en PwC ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het domein.

Relatie burger-internet-politiek
Een van de onderwerpen die in de enquête bevraagd werden, was de relatie tussen de politiek, de burger en internet. Op p. 20 van het rapport concludeert men enthousiast “Een groot deel van de respondenten vindt dat internet de afstand tussen de politiek en de burger verkleint als gevolg van meer transparantie”.

Minder rooskleurig graag
Maar als je dan naar de percentages kijkt, blijkt dat 38% vindt dat internet heeft geleid tot meer transparantie in de politiek en dat 29% het daar oneens mee is. Deze percentages lijken mij geen aanleiding tot al te enthousiaste conclusies. In totaal blijkt 48% van de deelnemers aan de enquête de stelling, dat internet heeft gezorgd voor meer transparantie, niet te kunnen onderschrijven (13% wist het niet).

Geen of weinig contact met politiek
Vervolgens verwacht slechts 18% van de ondervraagden de komende 4 jaar minimaal 1 keer rechtstreeks contact te hebben met een politicus of politieke partij op internet. Behalve de vraag wat hier rechtstreeks contact is (is een algemeen tweetje van Geert Wilders ook rechtstreeks contact?), valt hier op dat met name jongeren op dit punt geen positieve verwachtingen hebben.

Nog een wereld te winnen
Het rapport geeft aan, min of meer in tegenstelling tot de bovengenoemde conclusie, dat internet voor de politiek daarmee een belangrijk aandachtspunt is voor de komende jaren. Wij helpen ze daar met onze steun aan bestewebpoliticus.nl graag een handje bij.

Willem Hendrikx, 11-11-2011, 12:36, Link

|

Een ‘Diederik Stapeltje’ over het mogelijke verdwijnen van het lidwoord ‘het’

Daar istie weer…, het taalkundig weetje dat als interessant nieuwsfeit de Nederlandse media bezig houdt. In de laatste Onze Taal suggereert Marieke Kolkman dat het lidwoord ‘het’ mogelijk over ruim 100 jaar niet meer in het Nederlands voorkomt.

Dit is natuurlijk belangrijk nieuws… geen wonder dat de landelijke
dagbladen, actualiteitenprogramma’s op TV en radio en vele websites (zelfs stormfront.org) deze taalkundige toekomstvoorspelling ruim overnemen. Maar als we het artikel in Onze Taal goed lezen blijkt de onderbouwing van de claim dat het lidwoord ‘het’ gaat verdwijnen nogal mager.
het
Tegenargumenten
De schrijfster gebruikt verschillende argumenten om haar voorspelling aannemelijk te maken. In het kort:

  • Kinderen vinden het moeilijker om het lidwoord ‘het’ onder de knie te krijgen dan het lidwoord ‘de’.
  • Voor niet-moedertaalsprekers is ‘het’ een van de lastigste elementen van de Nederlandse taal.
  • ‘het’ kan ook nog in andere functies (als voornaamwoord) gebruikt worden, dit is verwarrend.
  • maar 25% van alle zelfstandige naamwoorden is onzijdig en door de komst van nieuwe woorden neemt dit percentage af. Op dit moment zou het nog maar 20% zijn
  • Alle Germaanse talen zitten in een p.oces waardoor het geslachtsonderscheid langzaam verdwijnt, het Engels en het Afrikaans hebben al geen onzijdig lidwoord meer.
Onder professoren
Dit is een mooi voorbeeld van zoveel mogelijk argumenten op een hoop gooien totdat het geheel toch wel overtuigend klinkt. Voeg daar dan nog een aantal (7) namen van wetenschappers aan toe, waaronder een sociaal psycholoog (pas toch op!) en Hans Bennis, een Nederlandse hoogleraar, en de uitkomst is onontkoombaar.

Weerwoord
Je kunt natuurlijk alle argumenten kritisch gaan bekijken. Engels en Afrikaans zijn mengtalen, waarbij grote groepen ‘niet-moedertaalsprekers’ de taalvorming hebben beinvloed. In het Duits is er op dit vlak geen vuiltje aan de lucht. Als 20% van de zelfstandig naamwoorden onzijdig is, lijkt me dat nog een aanzienlijk aantal; wat hierbij ook nog van belang is hoe frequent deze woorden worden gebruikt. Er zijn wel meer woorden die verschillende functies hebben, etc.

Echte data?
Maar wat ik echt mis in dit mooie verhaal is het historisch perspectief. Zijn er ‘data’ waaruit blijkt dat pakweg 50 jaar geleden kinderen minder moeite hadden met ‘het’, dat er toen minder fouten werden gemaakt? Hoe vaak kwam het lidwoord ‘het’ voor in de taal van 50 jaar geleden, zowel in de spreektaal als de schrijftaal? Vanuit een momentopname kun je immers geen tendens beschrijven, en dat is hier grotendeels wel gedaan.

Goed beschouwd is hier natuurlijk geen sprake van een ‘Diederik
Stapeltje’. Blijkbaar zijn er geen data die het ‘verval’ van ‘het’ ondersteunen, anders had Kolkman ze wel gebruikt. En Stapel zou er zeker voor gezorgd hebben wel over voldoende data te beschikken.











Willem Hendrikx, 05-11-2011, 20:50, Link

|

Had Mauro een verblijfsvergunning gekregen als zijn brief op B1-niveau was geschreven?

Mauro’s brief aan de Tweede Kamerleden deed veel stof opwaaien. Hij was duidelijk niet door Mauro zelf geschreven. Gisteren wijdde de NRC een artikeltje aan de vraag wie nu verantwoordelijk waren voor de smeekbrief van Mauro.

Mauro Manuel is een bijna 19-jarige Angolese asielzoeker die volgens de Tweede Kamer geen recht heeft op een verblijfsvergunning. Hij volgt in Nederland een opleiding op MBO-3 niveau en hij gaat nu proberen om dan toch maar een studievisum aan te vragen zodat hij langer in Nederland mag blijven. Als wapen in de strijd schreven vrienden van Mauro in zijn naam een smeekbrief aan de Tweede Kamer. Het is de vraag of ze daarmee de zaak van Mauro niet nog meer schade hebben berokkend.

Stijlbreuken
De brief is een schoolvoorbeeld van stijlbotsing en bevat elementen uit verschillende taalniveaus. Zo staat de eerste alinea in schril contrast tot de tweede. De eerste alinea bevat abstracties als ‘symbool’, ‘integratie’, ‘belang hechten aan’. De tweede alinea bevat korte zinnetjes en is grotendeels geschreven in een directe, verhalende stijl.

Schrijfteam
Uit het artikel in de NRC blijkt dat de brief geschreven is door mensen uit het ‘team Mauro’, waarvan tekstschrijver Ron Voskamp lid is. De brief zou gebaseerd zijn op een oude brief van Mauro aan minister Leers, de tekst is een paar keer ‘heen en weer gegaan’ en er is ook nog een eindredactie overheen gegaan.

Schrijf nooit 'samen'
Indachtig het adagio ‘schrijf nooit een tekst met een groep’ is het niet vreemd dat er in deze tekst veel fout is gegaan. Behalve de stijlbreuken is de opbouw minder sterk, staat er nog een vreemd zelfverzonnen woord in, 'Waardebril', en doet de hele brief afbreuk aan de authenticiteit van Mauro. Met zulke vrienden heb je in ieder geval minder vijanden nodig.

Authenticiteit noodzakelijk
Natuurlijk heeft Mauro zijn zaak niet verloren doordat deze brief niet op B1-niveau geschreven was. Dan maak ik dezelfde fout als degene die beweerde dat de crisis in 2008 veroorzaakt was doordat hypotheekakten niet op B1-niveau geschreven waren. Maar het minste wat hij had mogen verwachten van de vrienden uit het ‘team Mauro’ was toch wel dat ze een brief zouden schrijven in een consequente stijl die bij hem past. En of dat nu B1, B2 of wat anders is doet er niet toe.

Willem Hendrikx, 02-11-2011, 14:10, Link

|

Extra aandacht nodig in de pers: doe dan een ‘Diederik Stapeltje’

Door de frauduleuze onderzoeken van ex-hoogleraar Diederik Stapel ben ik eens kritisch gaan kijken naar al die wetenschappelijk ogende percentages in ons eigen vakgebied, de studie van de Nederlandse taal.

Stapel maakte furore met onderzoeksresultaten die gretig werden opgepikt door de media, het waren opvallende en daarom voor de pers interessante oneliners:

  • Vleeseters vertonen meer egoïstisch gedrag
  • Meer rommel op straat leidt tot meer discriminatie.

Percentages verkopen beter
Sommige organisaties voorzien de pers ook graag van interessante oneliners om aandacht te genereren. Ze strooien namelijk driftig met wetenschappelijk uitziende onderzoeksresultaten die helpen om hun producten (trainingen, adviezen en boeken) te verkopen. Bijvoorbeeld:
  • Maar 40 procent begrijpt taal van theorie-examen
  • Wist u dat 60% van de Nederlanders 80% van alle teksten van overheden en instanties niet begrijpt?
  • 60% van de Nederlanders komt niet verder dan B1-niveau.

Reclame of bedrog?
Als je daarbij ook nog de onrealistische verkoopclaim optelt, dat je letterlijk alle teksten op een zogenaamd B1-niveau kunt schrijven, ga je verlangen naar een eigen onderzoekscommissie. Deze commissie gaat onderzoek doen naar de wetenschappelijke onderbouwing van al deze verkoopbevorderende percentages. Of we hiervoor een wetenschappelijke commissie of de Reclame Code Commissie moeten aanwijzen is nog de vraag.

Gelukkig zijn er meer kritische volgers van deze ongewenste vermenging van pseudowetenschap en commercie getuige deze bijdrage van Eric Tiggeler en Rob Doeve.

Willem Hendrikx, 01-11-2011, 11:51, Link

|

Luisteren naar vrouwenstemmen

Toen BMW de routeplanner standaard in een vrouwenstem introduceerde, kreeg het bedrijf boze brieven van de autobezitters. Zij wilden geen richtingaanwijzingen van een vrouw accepteren omdat je dan zeker zou verdwalen. Toch staan nu de meeste tamtams op een vrouwenstem. De meeste computers en bots hebben trouwens ook een vrouwenstem om met de gebruikers te communiceren. Hoe komt dat eigenlijk?

Het is onderzocht. Uit het onderzoek blijkt dat je eerder een vrouwenstem vindt die iedereen graag aanhoort dan een mannenstem. En de onderzoekers denken dat die voorkeur al vroeg is bepaald. In de baarmoeder herkent de vrucht al moeders stem. Baby’s hebben – pech voor jonge vaders – ook een voorkeur voor vrouwenstemmen. Ze luisteren liever naar de schoonmoeder dan naar de vader.

Er is maar één uitzondering: als iets technisch uitgelegd moet worden. Dan geeft de meerderheid de voorkeur aan de stem van een man. Aangeleerd gedrag vermoed ik en vooroordelen.

Japanse botHet voorbeeld van BMW hierboven toont aan dat mannen de stem antropomorfiseren. Dat wil zeggen menselijke eigenschappen toedichten. Dat gebeurt ook vaak bij vrouwelijke bots. Vieze mannen stellen vrijwel direct seksueel getinte vragen aan zo’n bot.

Max Dohle, 01-11-2011, 11:42, Link

|